|
Wat woordkeus betreft kunnen we beter oubolligheden, clichés, lege woorden, omslachtige uitdrukkingen en stadhuistaal vermijden. In de plaats daarvan kiezen we voor verrassende, originele, duidelijke spreektaal. We zeggen dus maar (en niet echter), als (en niet indien), trouwen (en niet huwen), proberen (en niet trachten). Hoed je voor clichés. Banen hoeven niet altijd op de tocht te staan, maar kunnen ook bedreigd zijn. Onderzoekers hoeven niet altijd tot op het bot te gaan, maar kunnen ook alles uitspitten. We beperken het aantal lege en omslachtige uitdrukkingen als in feite, in principe, eigenlijk, op dit ogenblik, van zijn kant, als gevolg van, door middel van, in het kader van, ter gelegenheid van, ten gevolge van, ondanks het feit dat. Er is altijd een eenvoudigere spreektaalvariant beschikbaar.
|