Jonge kinderen denken vrijwel hetzelfde over taal als volwassenen

magnetische letters op een koelkast

 

Kinderen zijn zich al vrij jong bewust van de sociale connotaties van dialect, tussentaal en standaardtaal. Dat blijkt uit een onderzoek geleid door Matthias Lefebvre (VIVES Tielt) bij bijna 3000 (piep)jonge Oost- en West-Vlamingen.

Uit eerder onderzoek bij volwassenen blijkt dat standaardtaal hoofdzakelijk met status geassocieerd wordt. Regionale taalvariëteiten scoren doorgaans hoog op sociale attractiviteit en persoonlijke integriteit. In mensentaal: dialectsprekers vinden we doorgaans aantrekkelijker, vriendelijker en authentieker dan standaardtaalsprekers. Maar die plaatsen we wel hoger op de sociale ladder.

Het expertisecentrum Onderwijsinnovatie van de VIVES-hogeschool in Tielt wilde weten of ook jonge kinderen, tussen vijf en twaalf jaar, dergelijke verbanden leggen. En dat blijkt uit onderzoek van lector Matthias Lefebvre al heel jong zo te zijn. Kinderen beoordelen verschillende soorten taalgebruik min of meer hetzelfde als adolescenten en volwassenen, zelfs al op de leeftijd van vijf jaar.

Ook de jongste taalgebruikers schrijven meer prestige toe aan standaardtaalsprekers dan aan dialectsprekers. Ze nemen dus al heel gauw over wat hun ouders daarover denken en zeggen. Net als hun ouders associëren kinderen het gebruik van dialect en tussentaal vooral met informele situaties en intimiteit.

Uit het onderzoek bleek ook dat kinderen gaandeweg dichter bij de attitudes van de volwassenen komen. Hoe ouder het kind, hoe meer prestige het aan de standaardtaal toeschrijft en hoe meer het intimiteit met dialect verbindt en negatiever tegenover dialect staat.